Bouwen aan de Hudson
Arnoud van Aalst heeft als bestuurskundige en architectuur-historicus in New York onderzoek gedaan naar de organisatorische kant van het Nederlandse erfgoed. Hoe wordt er al dan niet samengewerkt? Welke rol spelen de fondsen? Wie zijn de spelers? Waarom is het fenomeen 'Dutch Heritage along the Hudson River’ (nog) geen werelderfgoed? Kortom, waar een wil is, is een weg: of niet soms?!
Marieke Leeverink is in 2002 voor het eerst in aanraking gekomen met het Nederlands-Amerikaanse erfgoed in het voormalige Nieuw-Nederland. In 2006 is zij voor langere tijd naar New York vertrokken om het Dutch Farmstead Survey Project op te starten. Nieuw Nederland kent een rijke historie waar nog veel van terug te vinden is. Niet alleen in de namen van steden en dorpen maar ook in de architectuur. Naar schatting bestaan er nog meer dan duizend Dutch barns en Dutch houses in de ruime streek rond New York.
Beide sprekers werken samen met de locale partners, zoals de Dutch Barn Preservation Society en de Society for the Preservation of Hudson Valley Vernacular Architecture. Daarnaast bestaat zowel interesse vanuit Europa (Nederland, België) als behoefte vanuit de VS aan inhoudelijke kennis en expertise (SHBO, Zaanse Schans, etc). Het behoud speelt zich af tegen de achtergerond van economische belangen (oude bouwmaterialen zijn goed verkoopbaar zijn in de VS) en toenemende toeristische interesse.
Een mooi werkdoel is een presentatie tijdens de grootscheepse viering in 2009 van de 400-jarige ontdekking van Nieuw Nederland door Henry Hudson in opdracht van de VOC.